Media, gooi de journalistieke keuken open

“Jaw meet floor”, tweet de correspondent van de Amerikaanse krant The New York Times na de verbijsterende vertoning van de woordvoerder van het Witte Huis, Sean Spicer, dit weekend. 
Een nooit geziene uithaal naar de volgens hem –en dus ook volgens President Trump- manipulatieve mainstream media die bewust de opkomst tijdens de inauguratie van Donald Trump minimaliseren.

Zijn kaak, mijn kaak, veler kaak viel kletterend hard tegen de grond. 
De uithaal van Spicer is intussen weerlegd door een simpele fact checking: in dit geval liegt de woordvoerder. En bij uitbreiding: Trump liegt. 

Dan Rather, een icoon van de Amerikaanse journalistiek schrijft in een post op Facebook dat de media Trump moeten counteren door onder meer aan Republikeinse congresleden consequent te vragen of ze zich achter de leugens van Trump blijven scharen.
Elke keer opnieuw.
En door het interview te beëindigen, als er geen antwoord komt.
Eén van de vele suggesties die gedaan worden om met Trump worstelende media te helpen in het vinden van hun rol in deze nieuwe tijden
 
Tegelijkertijd roept Rather de media ook op om moed te tonen door aan zelfreflectie te doen. Wanneer en waar kan en moet het beter?

Een oproep die wordt gedeeld door professor Carl Devos in De Morgen, die schrijft dat er geen Lügenpresse bestaat, maar zich ook afvraagt of ‘de scheiding tussen feiten, analyse en duiding en commentaar voor iedereen duidelijk is’. 
Een oproep naar transparantie die we moeten durven te omarmen.

Parels voorbij de echokamers

De tijd dat mensen enkel en alleen nieuws via de kranten en de televisiejournaals vernamen, ligt gelukkig al even achter ons. 

De digitalisering doet de journalistiek op verschillende fronten deugd:
nieuws wordt toegankelijker,

het aantal online publicaties boomt
en meer dan ooit zijn er prachtige journalistieke reportages te bekijken. 

Het internet is een poort naar een weelde van tekst, beeld, longreads, interactie en verhalen.
En dan heb je ook nog altijd televisiezenders die veel reportages en documentaires online gratis aanbieden. 
Achter paywalls zitten nog meer parels.
Iedereen die mooie en goede dingen maakt, kan een groot publiek bereiken: cineasten, vloggers, …
Ook over de keerzijde is al veel geschreven: de snelheid van het internet zet behoorlijk wat druk op redacties: meer dan ooit moet er tijd gestoken worden in het checken van geruchten en het context en nuance bieden bij verhalen die in deze geregeld hyper-emotionele maatschappij verzanden in een eindeloos geroep, dat vaak start of wordt voortgezet in de holle echokamers op internet.
 

copyright: theday.co.uk

copyright: theday.co.uk

Door die digitalisering kan iedereen een blog of een site beginnen, en artikels die daarop verschijnen, verkopen als nieuws. Soms gaat het werkelijk om nieuws, meer even vaak zijn het gemanipuleerde feiten, artikels met een duidelijke politieke invalshoek of zelfs pure propaganda. 
En die online publicaties hanteren niet altijd dezelfde ethiek en deontologie die veel ‘traditionele’ media wel hanteren. Ja, er bestaat vandaag nog altijd iets zoals check en double check. En meer dan ooit triple check.

Twijfelt u er aan dat die checks er zijn geweest, of twijfelt u aan de herkomst van een bepaald artikel, check dan de bron. Wees uw eigen criticus.

Open de keuken

Maar door die kritische houding én de veranderende toon bij heel wat politici krijgen ook de ‘traditionele’ media meer dan ooit de wind van voren. Dit hoeft ons niet te verlammen. Integendeel.

Heel wat journalisten en media moeten de groeiende polarisering net gebruiken om meer dan ooit te communiceren over hoe ze aan journalistiek doen. En om uit te leggen waarom we welke keuzes maken.

Een nieuwe openheid, een nieuwe transparantie,
kan een middel zijn om het dalende vertrouwen dat lezers, surfers, kijkers en luisteraars vandaag in de media hebben, te herstellen. 

Wij, journalisten, moeten durven te tonen hoe we denken, vanuit welke invalshoek een bepaalde reportage is gemaakt, hoe we de zaken aanpakken, waarop onze research is gebaseerd. 
Gooi ramen en deuren open, laat mensen meekijken in de keuken. En ook wel eens in de potten roeren.

“Journalisten behoren tot de meest oneerlijke mensen die er zijn", zei president Trump. 
Wel, laten we tonen dat dat niet zo is. Dat veel mensen op veel redacties wereldwijd met de grootste omzichtigheid te werk gaan om elke dag nuance en duiding te brengen. Maar we mogen daar gerust nog wel wat meer uitleg bij geven.
En daarbij kan het internet, een cruciale rol spelen en de perceptie als broedplaats van onvrede en polarisatie omkeren.

Tegelijkertijd moeten journalisten ook meer de input van hun lezers, luisteraars, kijkers én surfers durven te vragen. Ze regelmatig en meer betrekken met het werk dat we doen. 
Is de journalistiek niet de spiegel van de maatschappij? Waarom vragen we die maatschappij dan niet vaker waar ze mee bezig is, waar ze van wakker ligt of waar ze van droomt, op hoopt en naar verlangt.
Lezers en kijkers zijn een verzameling van oneindig veel data aan ideeën en opvattingen. Door hen te betrekken vergroten we het vertrouwen in de journalistiek.

En hoe kunnen we ons publiek beter betrekken dan via het internet? Het internet hoeft niet louter een plek te zijn om artikels te lezen of video’s en foto’s te bekijken.
Of giftige commentaren te spuien.
Het is ook de ideale conversatietool, voor een open en georganiseerd gesprek,
tussen u en de journalist.

Met wat creativiteit, mensen en middelen en een portie moed is dat zo gefikst. 

Doén